Elke graad die je woning minder opwarmt, hoeft je warmtepomp niet meer weg te koelen. Houd daarom warmte zoveel mogelijk buiten en beperk warmtebronnen in huis.
- Ventileer vooral ’s nachts en vroeg in de ochtend, wanneer het buiten koeler is dan binnen.
- Sluit ramen en deuren zodra de buitentemperatuur oploopt. Zo voorkom je dat warme lucht je woning binnenkomt.
- Gebruik bij voorkeur buitenzonwering, zoals screens, luiken of een zonnescherm. Die houdt zonnewarmte veel beter tegen dan gordijnen of andere raambekleding aan de binnenkant.
- Beperk op warme dagen ook het gebruik van apparaten die veel warmte produceren, zoals de oven, wasdroger, gamecomputer, computer en halogeenverlichting.
- Gebruik eventueel ventilatoren voor extra comfort: ze koelen de lucht niet direct, maar zorgen wel voor luchtcirculatie en een lagere gevoelstemperatuur op de huid.






